Mij komt de wraak toe

Mij komt de wraak toe, Ik zal het vergelden, zegt de Heere. (Romeinen 12:19)

Een man van wie iedereen wist dat hij een vreselijke misdaad had begaan stond eens met een grote grijns voor de rechter. Hij moest worden vrijgesproken vanwege een technische fout tijdens het onderzoek. De rechter keek de man diep in zijn ogen en zei: “Ik weet dat je schuldig bent en jij weet het ook. Nu moet ik je vrijspreken, maar ik wil dat je je realiseert dat er een rechter is die groter en wijzer is dan ikzelf en die werkt in een rechtbank waar geen technische fouten worden gemaakt. Eens zul je voor die rechter komen te staan en word je rechtvaardig geoordeeld en kun je niet door de mazen van de wet ontsnappen. Ik zou je willen aanraden daar heel goed over na te denken en je voor te bereiden.”

***

Al dat onrecht in de wereld. Zoveel slechtigheid. Dat kan toch niet altijd maar zo doorgaan? Nee, dat zal ook niet gebeuren.

Er komt altijd een dag waarop het kwaad wordt gestraft en er zelfs gewelddadig mee wordt afgerekend. Geweld is meestal de enige taal die het kwaad begrijpt. Maar die taak is ons, als Gods kinderen, niet toebedeeld. Wij hoeven Gods vijanden en het kwaad niet met geweld te bestrijden. Het is onze taak om te leven volgens Gods gouden regel, de regel die van ons vraagt om te vergeven en een ander zo te behandelen als wij zouden willen dat ook wij behandeld worden.

God zorgt voor de rest. Hij is niet alleen de God van liefde, maar is ook rechtvaardig. Hij weet heel goed hoe en wanneer Hij Zijn oordelen moet laten neerkomen op Zijn vijanden.

Hij weet wanneer hun beker van ongerechtigheid tot aan de top toe gevuld is en Hij alleen weet hoe en in welke mate het oordeel gerechtvaardigd is.

Toen Jezus Saul van zijn paard stootte op de weg naar Damascus en hem tijdelijk blind maakte zei Hij tegen hem: Saul, Saul… Waarom vervolg je Mij?* Wie was Saul aan het vervolgen? Tegen wie was zijn woede gericht? Op het eerste gezicht zou je zeggen dat hij Gods kinderen achterna zat. Zij die de boodschap van liefde en vergeving predikten. Dat deed hij natuurlijk ook, maar in wezen vervolgde hij Jezus zelf. Het ging hem om Jezus, de bron waar alles van uitging. En zo is het met iedereen die zich verzet tegen het goede en tegen de stille stem van het hart.

Als mensen het goede verwerpen of zelfs vervolgen, vergeet dan niet dat het hen uiteindelijk om God gaat, en Zijn heerschappij.

Ze bevechten God, dus het is duidelijk dat God zelf uiteindelijk ook zal terugvechten. Dat hoeven wij niet te doen. In Psalm 2 lezen wij: De koningen van de aarde komen in verzet, de wereldmachten spannen samen tegen de HEER en zijn gezalfde: ‘Wij moeten hun juk afwerpen, ons van hun boeien bevrijden.’ Die in de hemel troont lacht, de Heer spot met hen. Dan spreekt hij tot hen in woede, en zijn toorn verbijstert hen.

Maar Gods verliest niet snel Zijn geduld en Zijn schema is heel anders dan dat van ons. Gelukkig, want anders zouden veel van Zijn kinderen van vandaag er misschien niet eens bij zijn. Het is aan ons om te vertrouwen en met Zijn hulp een getuigenis te zijn van liefde en vergeving. Maar vergis je dus niet. God is geen slapjanus. Elke vorm van het kwaad zal op de juiste tijd worden uitgeroeid en geen enkele vorm van onrecht blijft uiteindelijk ongestraft. Wat een mens zaait zal hij oogsten.

“Jullie hoeven in deze strijd geen slag te leveren. Wacht rustig af, dan zullen jullie zien hoe de HEER, die jullie, Juda en Jeruzalem, bijstaat, voor jullie de overwinning behaalt.”

Download PDF