Is niet iedereen een verloren zoon?

Wij luisteren niet altijd naar de juiste stemmen en soms komen we vast te zitten in een doornstruik, net als het schaap uit de Bijbel, dat eigenwijs zijn eigen weg probeerde te zoeken en uiteindelijk hopeloos vast kwam te zitten. Daar zit je dan. Eenzaam en schijnbaar verloren. Is er nog wel een oplossing? Volgens de Oppepper van deze week wel!

***

Er was eens een vader die een groot bedrijf bezat. Hij was rechtvaardig, bestuurde het bedrijf met grote kundigheid en was daar rijk mee geworden. Hij hoopte de zaak later over te doen aan zijn zoon en probeerde hem de kneepjes van het vak te leren. Wat waren die twee gelukkig als ze in elkaars gezelschap verkeerden.

Maar de vader had een concurrent. Een gemene, zelfzuchtige ondernemer die geen kans onbenut liet om zichzelf ten koste van anderen te verrijken en zich met leugens een weg door het leven baande. De zoon ging naar die man luisteren en er kwam een grote donkere wolk boven de relatie van de vader en de zoon te hangen. Al snel verloor de zoon alle interesse in de vader en zijn werk en begon er maar wat op los te leven. Op zekere dag stapte hij op zijn vader af en zei: “Vader, ik geloof niet meer in u. Ik ga nu voor uw concurrent werken. U zoekt het verder zelf maar uit.”

Wat had de vader daar een verdriet over. Zijn geliefde zoon geloofde niet meer in hem en werkte voor de vijand. Wat kon deze relatie nog herstellen? Wat zou de pijn kunnen wegnemen uit het hart van de vader als de zoon tot inkeer zou zijn gekomen?

Zou een som geld misschien genoeg zijn? Zou het helpen als de zoon extra hard zou gaan werken voor vaders bedrijf, en dan zonder salaris? Mooie woorden misschien? Nee, niets van dat alles zou helpen.

De enige oplossing voor ongeloof is geloof. De enige remedie tegen twijfel is vertrouwen. En dat gebeurde hier ook. De zoon kwam inderdaad tot inkeer. Hij zag de pijn die hij zijn vader had aangedaan en hij wist dat er maar een manier was om de weg terug te gaan naar het huis van zijn vader: ‘Vader, ik geloof in u. Ik vertrouw op u. Ik zat er helemaal naast. Ik deed er verkeerd aan u niet te geloven en nu geloof ik in u met mijn hele hart.

 

Dat is de reden dat God van ons vraagt om in Hem te geloven en om Hem te vertrouwen. Omdat alleen geloof de pijn van het ongeloof kan wegnemen.

En elke keer dat dit gebeurt wordt er een groot feest georganiseerd en zegt de Vader andermaal: “Mijn zoon was dood, maar is weer tot leven gekomen!”

***

Iedereen dwaalt weleens af op de vlakten van deze uitgestrekte wereld en iedereen is op de een of andere manier dan ook een verloren zoon.

Maar juist dan leren we iets over Gods grote liefde voor ons. Hij laat ons nooit vallen en heeft altijd hoop. God heeft een plan dat niet stuk is te krijgen en vroeg of laat komen al Zijn afgedwaalde kinderen tot inzicht en rennen dan zo snel mogelijk naar huis, waar de Vader hen met open armen tegemoet komt snellen.

Gods liefde blijkt uiteindelijk veel en veel sterker dan de modder en de drek van de zwijnenstal waar je naar afgezakt bent en geeft je de kracht om de weg naar huis weer in te slaan.

Terug naar de schoonheid van het huis van mijn Vader. Terug naar de vrede en de warmte van de Heilige Geest. Terug naar een overvloedige maaltijd aan een koninklijke tafel, samen met al Zijn kinderen.

De deur naar Gods huis staat altijd open. Het is nooit te laat. Zelfs al heb je alles verloren, toch houdt de Vader van je met een liefde die niet kan verkillen. Zijn armen zijn uitgestrekt en Hij verlangt er naar om je te omhelzen. Weg met de vodden en lompen aan je gekneusde lichaam. Hij heeft een nieuwe mantel van rechtvaardigheid voor je uitgekozen en hangt die over je schouders. Aan je vingers schuift hij een nieuwe ring, want je bent weer thuis. Thuis bij de Vader. Verdienen doen we het niet, maar telkens weer roept de Vader ons met Zijn stille stem diep in ons hart: Mijn kind, kom toch thuis!

Download PDF

Laat een bericht achter:

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.