God zal ons nooit verlaten.

Een zendelinge in een afgelegen dorpje in het onherbergzame Andesgebergte werd eens getroffen door een ernstige ziekte. Tot overmaat van ramp kwam ook haar maandelijkse financiële steun om de een of andere onverklaarbare reden niet binnen. Ze had zo hard goed voedsel nodig, maar er was geen geld in kas. In de voorraadschuur stonden slechts een grote zak havermout en wat blikjes gecondenseerde melk. Mopperend at de zieke vrouw dus een maand lang havermout. Ze at het voor ontbijt, lunch en avondeten en was eigenlijk een beetje boos op God, omdat Hij haar niet beter verzorgde. Toch begon de vrouw op te knappen en toen de lang verwachte steun uiteindelijk ook weer binnenkwam kon ze een stevige maaltijd kopen en was ze weer snel de oude. Toen ze later met verlof was en tijdens een bijeenkomst over haar ziekte had verteld, kwam er na afloop een arts naar haar toe. Nadat hij had gehoord wat de ziekteverschijnselen waren geweest schudde hij zijn hoofd en zei:

“Buitengewoon. Echt heel bijzonder. Als uw geldelijke steun op tijd was gekomen had u het niet overleefd. Dan had u goed eten gekocht. Vlees, groenten en van alles en nog wat. Maar voor de ziekte waar u mee te maken had is de enige juiste remedie een dieet van 30 dagen havermout.

***

Heer, U bent met ons; wat er ook gebeurt en waar we ook mee te maken krijgen. U zorgt voor ons. Voor ons  lichaam, voor onze geest en voor onze ziel. In U zijn wij veilig geborgen totdat U ons roept om thuis te komen, thuis op onze hemelse bestemming. Uw woord zegt het, Uw beloften zijn ons gegeven en Uw aanwezigheid in ons leven maakt het telkens weer duidelijk.

En toch zijn er dagen waarop wij ons zorgen maken en angstig rondkijken naar wat er rondom ons in de wereld geschiedt. Helpt U ons Heer om onze zorg aan U over te dragen. Helpt U ons om te vertrouwen en niet bang te zijn. Toen we U aannamen en ons hart voor U openstelden werden wij opnieuw Uw eigendom. Kinderen van de Schepper van hemel en aarde. De Schepper die alles weet, alles ziet en overal voor zorgt. Als wij de wereld dus zien wankelen, wanneer het lijkt alsof alles uit elkaar valt omdat de tekenen van de tijd alarmerende proporties beginnen aan te nemen, kunnen we opgewonden vooruit kijken naar wat er gaat komen en onze handen vol liefde naar U uitstrekken.

U gaat iets geweldigs doen. Uw aanwezigheid wordt juist als het donker wordt steeds duidelijker voelbaar. Uw licht straalt het schoonst tegen de inktzwarte achtergrond van die duivelse opstandigheid tegen Uw liefde. U zei: Ik geef Mijn kinderen het eeuwige leven: ze zullen nooit verloren gaan en niemand zal ze uit Mijn hand roven. (Johannes 10:28)

Elke dag is dus weer een dag dichter bij onze hemelse toekomst. Daar wil ik me in verblijden. Ik wil over Uw liefde zingen en U eren met mijn geloof. Elke keer weer tot op die dag, die glorieuze dag, dat U de hemelpoort voor ons openzet. Zo staan wij voor U klaar in de wereld Heer. Als een schitterend licht dat getuigt van Uw goedheid. U, de Herder van onze ziel. U, de Herder die ons nooit verlaat of verloochent.

De toekomst is net zo stralend als Uw beloften. Wat kunnen we daar dankbaar voor zijn.

Download PDF