Anekdotes

De plantsoenendienst had de opdracht gekregen om bomen te verwijderen uit een straat die verbreed werd. Net toen ze wilden beginnen, zagen de voorman en zijn mannen een nest in een van de bomen, met een roodborstje erin dat op haar eieren zat. De voorman gaf de mannen het bevel om de boom voorlopig maar met rust te laten. Die konden ze later nog wel omhakken.

Toen ze een paar dagen later weer bij de boom kwamen zat het nest inmiddels vol met kleine roodborstjes die hun bekjes enthousiast opensperden. Weer lieten ze de boom met rust. Toen ze later weer terugkwamen omdat de boom nu toch echt tegen de grond moest, vonden ze het nest leeg. Het gezin was opgegroeid en weggevlogen.

Maar er lag iets op de bodem van het nest dat de aandacht van een van de mannen trok; een vuil wit kaartje.

Toen hij de modder en de takjes eraf had geveegd ontdekte hij dat het een zondagsschoolkaartje was waarop stond: “Wij vertrouwen op de Here onze God.”

***

Een klein jochie in de achterbuurt van een grote stad werd uitgenodigd op een zondagsschool in een missiepost.

Geleidelijk aan werd hij een trouwe kleine Christen. Hij scheen vrij vast te geloven, maar toen kwam er een scepticus op bezoek die niet kon geloven dat zo’n klein jochie echt kon geloven. Hij zou die kleine man wel eens even aan de tand voelen over zijn geloof. Hij vroeg het kereltje op geleerde toon: “En jongeman. Als God dan zoveel van je houdt, waarom zorgt Hij dan niet wat beter voor je? Waarom stuurt Hij niet iemand om je schoenen te geven en een warme jas en beter eten?” Het ventje dacht eventjes na en zei toen met tranen in zijn ogen: “Hij zegt het ook wel tegen iemand, maar die iemand vergeet steeds weer om naar God te luisteren.”

***

Het verhaal gaat dat tijdens de grote pestepidemie in Londen van een paar eeuwen geleden, de slachtoffers met duizenden tegelijk stierven en dat alle wegen die de stad uit leidden druk bezet waren door vluchtelingen. Een zwarte knecht was aan het helpen met het bepakken van een rijtuig dat voor een woning stond. Zijn meester, een rijke edelman, liet zijn huis in de stad achter en ging naar zijn tweede huis op het platteland.

De knecht zei tegen een andere knecht: “Aangezien mijn heer weggaat uit Londen uit angst voor de pest, neem ik aan dat zijn God op het platteland woont.” Dit was niet sarcastisch bedoeld, want hij was pas uit Afrika gekomen, waar de goden allemaal aan hun eigen plaats en hun godsdiensthuisje gebonden zijn. De edelman, die de opmerking toevallig hoorde, was erdoor geraakt. “Deze onwetende knaap heeft me iets geleerd wat ik haast vergeten was,” zei hij tot zichzelf. “Mijn God is overal. Hij kan me in de stad net zo goed beschermen als op het platteland. Heer, vergeef me mijn gebrek aan vertrouwen.” Hij bleef in Londen en zette zich in voor de zorg aan de slachtoffers, die helemaal alleen en hulpeloos waren, verlaten door hun familieleden en buren. De God op wie de edelman vertrouwde hielp hem er doorheen en de ziekte kwam zelfs niet in de buurt van zijn huis.

***

Het is belangrijk om de juiste woorden te spreken. Woorden hebben kracht en kunnen een mens opbouwen of afbreken. Ook de Bijbel heeft heel wat over onze spraak te melden en het is belangrijk dat wij leren hoe wij onze mond moeten gebruiken. Iemand zei eens: “Er zijn twee dingen die een mens zou moeten leren. Hoe hij zijn mond moet houden en hoe hij die moet opendoen.” De volgende anekdote gaat daarover.

Het gebeurde eens dat de koning een vreselijke nachtmerrie had. In zijn droom vielen al zijn tanden uit en de koning bleef achter als een slobberend individu waar niemand nog respect voor had. Hij vroeg direct aan zijn waarzegger om de droom uit te leggen. Die wist wel wat de droom betekende.

Met een sombere klaagstem zei hij: “O Koning. De droom betekent dat al uw familieleden lang voor u zullen sterven. U zult alleen achterblijven.” Daar was de Koning niet van gediend. Dat was een boodschap die hij niet kon gebruiken. Resoluut werd de man ontslagen en er werd een andere waarzegger aangesteld om de droom uit te leggen.

De man glimlachte en zei verheugd: “Goed nieuws, Koning. De droom betekent dat u een lang leven beschoren staat. U zult zelfs langer leven dan al uw familieleden.” Dat beviel de koning heel wat beter en de waarzegger werd rijkelijk beloond voor zijn woorden. Beide mannen legden de droom op dezelfde manier uit, maar de ene uitleg was in een beter jasje gestoken dan de andere.

Laat een bericht achter:

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.