Een sprong van geloof

Laten we nooit bang zijn om een onbekende toekomst toe te vertrouwen aan een God die we kennen.

“Ik geloof best wel in God,” zei de man. “Ik ga zo nu en dan naar de kerk en als het een beetje tegenzit wil ik ook nog wel eens een schietgebedje doen. Of het helpt weet ik natuurlijk niet, maar kwaad kan het vast niet.”

Het is fijn dat zo iemand de deur naar God niet helemaal achter zich heeft dichtgeslagen en op een kiertje heeft laten staan, want God werkt in het ongeziene en kan op ieder moment tot iemands hart spreken. Maar om nu te zeggen dat we het hier hebben over een levend geloof dat richting en steun geeft en functioneert als een kompas op de zee van dit leven, gaat wel erg ver.

Een mens die elke dag opnieuw met Jezus wandelt, beleeft het geloof heel anders. Voor die mens is God geen onpersoonlijke kracht, gebonden aan bepaalde wetten en regels die je door de juiste toepassing van die regels kunt inzetten voor je eigen geluk. Voor hem is God een levende Persoonlijkheid, een waarachtige aanwezigheid met warme en liefdevolle genegenheid, die wil leiden en helpen.

“Want Ik weet welke plannen Ik voor u heb,’ zegt de Here. ‘Met deze plannen heb Ik uw geluk voor ogen, niet uw ongeluk. Ik wil u weer een toekomst en nieuwe hoop geven. Als u tot Mij bidt, zal Ik luisteren. U zult Mij vinden als u Mij zoekt en het oprecht van Mij verwacht.” Jeremia 29:11-13

Het verschil tussen de hopende mens die het eerst zelf wel uitzoekt en hij die waarachtig met God loopt is minstens zo groot als het verschil tussen een barre tocht door een sneeuwstorm in het hartje van een strenge winter en een met zon overgoten zomerdag. 

Niet dat een gelovig mens geen zware winterstormen zal tegenkomen, integendeel, maar het gaat om die persoonlijke en voelbare aanwezigheid van de Redder die dat verschil maakt. Een mens die Jezus kent leidt een gezegend leven, en dat heeft alles te maken met het woord vertrouwen.

Maar wat betekent het om te vertrouwen?

Om dat beter te illustreren gaf de evangelist C.H. Spurgeon de volgende illustratie: “Stel je eens een vreselijke brand voor. Een klein knulletje op de derde verdieping is door het vuur ingesloten. De enige manier om er uit te komen is, door het raam naar beneden te springen. Maar gelukkig staat er beneden een sterke man met zijn armen uitgestrekt die naar het wanhopige kind schreeuwt: ‘Spring maar, kleine. Ik vang je op.’ Het heeft iets met geloof te maken dat het kind weet dat er buiten inderdaad een man staat. Nog belangrijker is dat het kereltje er op vertrouwt dat die man ook inderdaad zo sterk is als hij zegt. Maar noch de wetenschap dat er buiten een man staat, noch de overtuiging dat die man sterk is, zijn voldoende om dat kind te redden. Als het kind niet springt zal het sterven. De essentie van het geloof ligt er in dat het jochie op de man vertrouwt en uit het raam springt en door de man wordt opgevangen.”

Dat is precies wat Jezus van ons vraagt. Vertrouwen betekent zoveel als ons overgeven aan de liefdevolle armen van Jezus, die beloofd heeft om ons op te vangen.

Het geluk van het gezegende leven ligt er in dat we de Heer dus vertrouwen om in ons te doen wat we voor onszelf niet kunnen doen. Zolang we denken dat we het zelf wel kunnen opknappen, en de brand in ons leven alleen kunnen blussen, zijn onze gebeden eigenlijk niet van de juiste makelij en blijven we verstoken van die wonderbaarlijke ‘toevalligheden’ of die geweldige, onverklaarbare aanwezigheid van de Redder. Geef je dus over aan de sterke en tedere handen van onze Heer. Hij vangt je op en werkt alles uit naar Zijn wil.

Download PDF

Reacties

Laat een bericht achter:

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.