Maandag 29 augustus 2022

Ik herinner me dat ik in mijn jeugd niet graag wilde leren. Ik wilde alleen maar keet trappen en voor de rest kon de school me gestolen worden. Het was de gewoonte op school om jongens zoals ik een goed pak slaag te geven met een stevige lat en ik kan je verzekeren dat het geen pretje was als ik weer eens bij de hoofdmeester over de knie werd gelegd. Gelukkig was de pijn snel voorbij en ging ik weer op zoek naar nieuw kattenkwaad.

Op zekere dag kwam er een nieuwe onderwijzeres op school. “Jongens,” zei ze, “Ik heb een gruwelijke hekel aan die lat waar ik jullie mee moet slaan. Volgens mij is er een betere manier om jullie te helpen. Ik ga het met liefde proberen.” Dat klonk goed en wij moesten er stiekem om lachen. Die lerares zou het niet makkelijk krijgen en ik verheugde me al op de grappen en grollen die wij gingen uitvoeren. En inderdaad, al snel had ik de regels gebroken. Ik moest na schooltijd bij haar komen. “Ik krijg er van langs,” zei ik nog tegen mijn vrienden. “Je zult zien dat er nu niets meer overblijft van dat proberen met liefde.”

Toen ze echter tegen me sprak stonden er tranen in haar ogen. Voor het eerst voelde ik dat iemand echt om me gaf. “Dwight,” zo zei ze, “het doet me pijn om je zo te zien. Maar als je ook maar iets om me geeft, vraag ik je om te proberen op te letten en je te gedragen.” Ik kreeg geen klappen, maar haar oprechte woorden raakten me heel wat dieper dan de hardste en ruwste lat van de wereld. Het duurde nog wel even voordat ik mijn hart aan Jezus gaf, maar die onderwijzeres heeft van mij nooit meer last gehad. Dat is het verschil tussen de wetten van Mozes en de genade van God die Hij ons gaf door Jezus.
-Uit “Woorden van D.L. Moody”

Dwight Lyman Moody (1837-1899) was een Amerikaanse evangelist en uitgever.

Deze week nieuw op de site
Een onverwachte muurschildering
Waar het om gaat
Deze nieuwsbrief op de site lezen

Spreuk van de week
Ik ben alleen voor God geboren. Christus is mij nader dan vader, moeder of zuster. Hij is mijn dierbaarste verwant en metgezel. Ik verlang er naar Hem te volgen en lief te hebben. Dierbare Jezus! Gij zijt alles wat ik wil, een vriend die met mij meegaat bij alles wat ik meemaak.
Henry Martyn

Om over na te denken
Je hoeft in Christelijke kringen niet ver te gaan om de woorden geloof en vertrouwen tegen te komen. Die woorden gebruiken we maar wat graag om een conversatie kracht bij te zetten en dan wordt snel duidelijk wat we bedoelen… Tenminste, dat denken we. Maar wat betekenen die woorden eigenlijk. Is er een verschil tussen geloof en vertrouwen, of zijn ze allebei hetzelfde?

Niet echt. Om te beginnen is geloof een zelfstandig naamwoord. Geloof is iets dat wij hebben. Het boek van Hebreeën geeft een definitie: “Wat is geloof? Het is de zekerheid dat onze hoop werkelijkheid wordt en het is overtuigd zijn van het bestaan van dingen die je niet ziet.” (Hebreeën 13:8) Geloof zegt dus: “Ik ken Jezus en ik geloof in Hem.”

Maar geloof is niet hetzelfde als vertrouwen. Vertrouwen is zowel een zelfstandig naamwoord als een werkwoord. Het is iets dat we doen. Vertrouwen is geloof in actie. Het is het werkzame bestanddeel van het geloof. Geloof zegt: “God kan het.”

Vertrouwen zegt: “God is het.”

In die zin is het makkelijker om geloof te hebben dan vertrouwen. Er zijn zelfs ongelovigen die eigenlijk wel geloven dat er een God is, maar die niets met Hem te maken willen hebben. Het cultiveren van vertrouwen is dan ook moeilijker dan het hebben van geloof. Door diepe, persoonlijke gemeenschap leren we God kennen en groeien zowel ons geloof als ons vertrouwen.

Uit het archief van Spurgeon
Leef in deze ontwrichte, bedorven wereld als zuivere, onschuldige kinderen van God. Want in deze wereld bent u als sterren die het licht van God uitstralen.
-Filippenzen 2:15

Als iemand eens een weekje bij je op bezoek komt, weet die persoon na die week dan wel wat Jezus voor je betekent? Of heeft die niets gemerkt van de eeuwige hoop die in je leeft?

 

 

 

Onze levenswijze, en dan hebben wij het echt niet alleen over onze woorden, zou zo moeten stralen dat er geen twijfel mogelijk is wie onze Meester is. Jezus moedigt ons aan om ons licht zo te laten schijnen, dat mensen de Vader eren door de goede dingen die ze in ons zien. Wat is eigenlijk het doel van het licht? Een licht heeft tot doel om te begeleiden. Het is de bedoeling dat wij mensen die in het duister leven, de weg tonen. Wij houden ons vast aan het Woord, het licht van God en we laten mensen zien waar de stroom van het levend water zich bevindt. Soms is het schokkend te zien hoe weinig sommige mensen echt weten over het geloof, of wat een verkeerd beeld ze van het geloof hebben.

Een licht fungeert ook als een waarschuwing. Een vuurtoren wordt daar geplaatst waar de kans bestaat dat schepen op de klippen lopen. In deze wereld stralen er helaas nogal wat valse lichten. Lichten die juist de verkeerde kant op schijnen. De vernielers van Satan staan voortdurend klaar met hun verleidingen om mensen in de naam van plezier en genot op de klippen van de zonde te gronde te richten. Het is dus onze taak om het ware licht uit te stralen, en dan juist op die plaatsen waar het gevaar dreigt, zodat mensen weten waar ze aan toe zijn en wat de gevolgen zijn van verkeerde keuzes.

En tenslotte verblijdt het licht. Licht maakt sfeer, licht geeft veiligheid en troost. Als Christenen zouden wij troosters moeten zijn, sfeerscheppers en is het de bedoeling dat wij veiligheid brengen in een eenzame wereld, door onze uitstraling, onze woorden en onze gemeenschap met God. Draag de zonneschijn met je mee en verwarm de wereld met elke stap die je zet.

Uit de schatkist van het verleden
Het verhaal gaat dat er tijdens de Amerikaanse burgeroorlog eens een soldaat op wacht stond. Het was eigenlijk zijn taak niet, want zijn vriend had die nacht wachtdienst, maar die was ziek en had hem gevraagd om zijn plaats in te nemen. Dat deed de jongen graag, maar toen hij de volgende nacht zelf wachtdienst had werd het hem te veel. Na twee nachten zonder slaap viel de jongen tijdens zijn wacht in slaap. Daar stond maar één straf op. Hij moest worden geëxecuteerd. De onfortuinlijke jongen zou een paar dagen later worden doodgeschoten.

Toen zijn ouders het nieuws hoorden dat hun zoon zou worden geëxecuteerd waren ze ontroostbaar. Er was niets dat ze konden doen, vooral niet omdat President Lincoln juist een nieuwe wet had aangenomen waarin stond vastgesteld dat de enige passende straf voor een dergelijk vergrijp de doodstraf was. Maar het zusje van de soldaat, een meisje van nog geen tien jaar oud, gaf de moed niet op. Zij had een boek gelezen over President Lincoln waarin stond dat de President van zijn kinderen hield en hoe goed hij voor hen was. Als de President zoveel van zijn eigen kinderen hield zou hij toch zeker het verdriet van mamma en pappa begrijpen?

Gewapend met het boek onder haar arm vertrok het meisje in haar eentje naar Lincolns verblijfplaats. Toen ze daar aankwam zei ze tegen de secretaris dat ze de President beslist moest spreken. De man vond het maar raar en wimpelde haar eerst af, maar het meisje stond er op dat ze met mijnheer Lincoln moest spreken. Tenslotte haalde hij zijn schouders op en liet haar binnen. Daar zat de President, omringd door zijn raadgevers en generaals. Het meisje toonde hem het boek en vertelde hem over de pijn die haar ouders leden omdat haar broer geëxecuteerd zou worden. De President was diep geraakt en kon niets anders doen dan de man zijn vrijheid teruggeven.

En de moraal? Denk je nu echt dat de Zoon van God geen genade zal hebben als je wij met een gebroken en verwond hart voor Hem komen te staan? Ieder mens die oprecht tot Hem uitroept zal door Hem worden gezalfd en mag rekenen op Zijn aanwezigheid, vergiffenis en liefde.

Dat is grappig
Mevrouw de Boer had tijdens de dienst al gezien dat dominee Jansen een lelijke snee op zijn gezicht had en ze besloot hem er naar te vragen. Toen ze hem na de koffie de hand schudde, vroeg ze hem beleefd: “Wat spijt het me om te zien dat u zo’n nare snee op uw wang hebt. Hoe komt u daar aan?”

“Dat gebeurde vanochtend tijdens het scheren,” antwoordde dominee Jansen. “Ik denk dat ik me niet concentreerde. Ik was te veel bezig met de preek en dus sneed ik mijzelf.”

“Wat naar,” antwoordde mevrouw de Boer. “Mag ik u een goed advies geven, dominee?”

“Graag,” sprak dominee Jansen beleefd.

“De volgende keer moet u het andersom doen. U moet u concentreren op het scheren en gaan snijden in uw preek.”

Laat een bericht achter:

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.