Zijn Atheïsten slimmer?

Bewerkt naar een artikel van James Emery White

Onlangs werd er onderzoek gedaan naar het mogelijke verband tussen intelligentie en geloof. De studie kwam tot de volgende conclusie: “Gelovige mensen zijn minder slim dan ongelovige en atheïstische mensen” Dit is ongetwijfeld koren op de molen van het ongelovige gedachtengoed.

Wat is er aan de hand?
De studie zelf is eigenlijk niet meer dan een verzameling van verschillende studies die de afgelopen honderd jaar op dit gebied gedaan zijn, waarbij gelovigen en ongelovigen getest werden op hun vaardigheden bij het nemen van beslissingen, rationeel denken en en het oplossen van problemen.

En gemeten naar de maatstaven die de wetenschappers er op nahielden kwamen de ongelovige mensen dus als intelligenter uit de bus dan de gelovige.

Zo’n studie de wereld in sturen is natuurlijk nogal makkelijk, omdat niemand precies weet hoe en wat er getest is, met welke maatstaven en met welke achtergrond en gedachtengoed deze studie werd opgezet.

Oppervlakkig gezien zou je kunnen zeggen: “Zie je wel…Die kortzichtige religieuze fanatiekelingen, die de wetenschap de rug toekeren (?) en nog steeds blijven vasthouden aan lang achterhaalde sprookjes.”

Wetenschapper Jordan Siberman, een van de schrijvers van het rapport, probeerde de religieuze pijn te verzachten en zei:

“Het gaat natuurlijk te ver om te concluderen dat als je gelovig bent, er een paar schroefjes bij je los zitten. Ik ben er zeker van dat er intelligente gelovigen zijn en domme atheïsten.”

Ook studiebegeleider Miron Zuckerman is snel ter plaatse om boze gelovigen van zich af te houden door te zeggen:

“Het is verkeerd om door deze studie te concluderen dat je dom bent als je in God gelooft.”

Maar toch…
Iedereen heeft inmiddels wel gehoord van het tragische verhaal over het meisje Malala Yousafzai dat door de Taliban in het hoofd werd geschoten omdat ze opkwam voor de nood van een goede scholing voor meisjes en vrouwen. Of wie heeft er een goed woord over voor fanatieke gelovigen die zichzelf met bommen bekleden om in naam van het geloof zichzelf en een markt vol mensen op te blazen? Dergelijke uitspattingen van een religieuze overtuiging lijken de wetenschappers in het gelijk te stellen.

Wat moeten we dan met een dergelijk rapport? Wat bedoelt deze studie eigenlijk met religie?
Alle geloven zijn hier op dezelfde grote hoop gegooid, en ook is er nauwelijks gekeken naar de relatie tussen een bepaalde cultuur en een geloof. Toch laat de Bijbel heel duidelijk een andere kant zien in Hosea 4:6:

“Mijn volk is uitgeroeid, omdat het zonder kennis is. Omdat ú de kennis verworpen hebt, heb Ik u verworpen om als priester voor Mij te dienen.”

Kennis en intelligentie worden dus door God zelf als een groot goed beschouwd. Maar uiteindelijk geeft Zuckerman zelf; misschien ongewild, een hele logische en aanvaardbare verklaring voor de conclusie van hun studie. Hij zei:

“Misschien dat het resultaat van deze studie iets te maken heeft met het feit dat ‘intelligente’ mensen het geloof niet zo hard nodig hebben.”

En op een bepaalde manier slaat hij de spijker op zijn kop. De verleiding bij intelligente mensen om te geloven dat ze het zelf voor het zeggen hebben en in controle zijn van hun eigen leven is groot. Intelligentie stimuleert het gevoel van eigenwaarde, iets wat op zichzelf niet verkeerd hoeft te zijn, maar het is wel iets dat de weg naar het geloof kan blokkeren.

De Bijbel noemt het ‘de menselijke trots’. Als je diep in je hart gelooft dat je eigenlijk best wel slim bent, wat misschien ook zo is, ligt de arrogantie echter ook op de loer als een tijger die uitkijkt naar het juiste moment om toe te slaan. Intellectuele trots kan makkelijk leiden tot een vals gevoel van eigen kunnen.

Probeer iemand die ergens erg goed in is maar eens iets te leren over zijn vak. Dan zie je snel genoeg hoe trots over het eigen kunnen iemand kan afsluiten voor zelfs de kleinste suggesties.

Tenslotte komt de studie met een eindconclusie die stelt dat hoe intelligenter iemand is, des te groter de kans is dat hij vraagtekens plaatst bij alle gevestigde normen en waarden. Wetenschapper Lillian Daniels beaamt dit als ze zegt:

“Hoe hoger je op de universitaire ladder klimt, des te sneller gooi je elke vorm van geloof op dezelfde hoop van fundamentalistische sprookjes.”

Nogmaals, de bijbel spreekt over “menselijke trots”. En als je de weg van menselijke trots netjes tot op het einde doorloopt kom je tenslotte uit op een verlaten en dorre plaats waar je niemand meer tegenkomt behalve jezelf. Je hebt jezelf in de plaats van God gesteld, dus is er ook voor Hem geen plaats meer. Daar zit je dan, hoog en alleen op een kille bergtop. En dat allemaal omdat je zo intelligent bent…

Hier klopt iets niet. Eigenlijk zijn religieuze mensen helemaal niet minder intelligent dan ongelovige mensen. Misschien is het net andersom. Niet omdat religieuze mensen de feiten niet accepteren, maar juist omdat ze de feiten wel accepteren.

Twee feiten eigenlijk.
Het eerste feit is dat er wèl een God is, en het tweede, dat wij dat niet zijn.

Laat een bericht achter:

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.