Wat is waarheid

Toen hij voor het aangezicht van de profeet van Galilea stond in de rechtszaal van het Jeruzalem in de tijd van de Romeinse heerschappij, stelde procurator Pontius Pilatus de vraag die een van de beroemdste vragen aller tijden zou worden: “Wat is waarheid?” Pilatus had kennelijk niet door dat het antwoord vlak voor zijn neus stond. De Bijbel vertelt ons dat “genade en waarheid door Jezus Christus” kwam en Jezus zelf zei: “Ik ben de weg, de waarheid en het leven.” Vandaag de dag bevinden we ons in een wereld van relativisme. Daarbij wordt beweerd dat alles relatief is; alles is maar betrekkelijk. Dat wat er geschreven staat is misschien niet echt wat er staat. Er bestaat geen absolute waarheid, want waarheid is subjectief, ongrijpbaar en veranderlijk.

En dat heeft zijn weerslag op de maatschappij. Jouw waarheid is niet de mijne en we moeten accepteren dat we niet allemaal dezelfde waarheid hebben. Dat klinkt heel ruimdenkend, maar in de realiteit brengt het alleen een verarming van de eigenlijke waarden met zich mee.

Het gevolg? Politici doen beloften die ze niet kunnen nakomen of niet eens van plan zijn om na te komen; mannetjesmakers bedriegen; de commercie wordt gedreven door hebzucht ten koste van integriteit; de geschiedenis wordt herschreven; nieuwsberichten zijn onbetrouwbaar en partijdig, en het moderne amusement verlegt de grenzen tussen realiteit en fantasie.

En tenslotte wordt de Bijbel gezien als een mythisch boek, met goede verhalen over goed doen maar uiteindelijk irrelevant en niet toepasselijk voor wat de mens vandaag nodig heeft.

Is dat ook echt zo of is het alleen maar het volgende bewijs van de secularisering van de huidige maatschappij en haar ongeloof? Als Jezus zegt dat Hij de waarheid is, de weg en het leven, is Hij ofwel een leugenaar die er niets van begrepen heeft, of is wat Hij zegt echt waar. De waarheid is altijd de waarheid. Er kunnen geen twee waarheden zijn, er is er maar één.

Mensen kunnen zich inbeelden wat ze willen, geringschattend over dingen denken en proberen om de werkelijkheid aan te passen aan hun eigen wensen en plannen, maar daardoor wordt de waarheid zelf nog niet veranderd. Zoals Gandhi het uitdrukte: “God is er. Ook al verloochent de hele wereld Hem, Hij blijft er toch.”

De waarheid staat vast, al wordt zij op geen enkele manier gesteund. De mensen die zich afsluiten voor die realiteit vervullen onbewust een trieste passage uit de Bijbel: “(Jezus) kwam in de wereld die door Hem zelf gemaakt is maar de wereld wilde niets van Hem weten. Hij kwam in Zijn eigen land, maar Zijn eigen volk heeft Hem niet aanvaard. -Johannes 1

Zelfs de mensen die oprecht naar de waarheid zoeken, beginnen vaak op de verkeerde plaats te zoeken. Terwijl zij naar nieuwe vormen van spiritualiteit zoeken of een psychologische stroming voor zelfverbetering volgen, ontgaat hen wat ook Pilatus ontging, en wat er zo duidelijk geschreven staat: de vrijmakende waarheid en liefde van God, die ons allemaal vrijelijk wordt aangereikt.

Wie de Bijbel met een gelovig hart leest en open staat voor het Woord, vindt waar hij naar gezocht heeft; antwoorden op de diepste vragen van het leven en genoeg liefde om de grootste leemte op te vullen. Kortom, de waarheid. Jezus belooft: “Als je in Mijn woorden blijft, dan zul je de waarheid kennen en de waarheid zal je vrij maken.”

Maar is de Bijbel wel zo betrouwbaar?

Over het algemeen staat de Bijbel in onze huidige maatschappij niet in hoog aanzien. Hij wordt door veel mensen gezien als een mooie collectie van fabels en verzinsels met een goede boodschap, maar niet iets waar je op kunt bouwen. Toch heeft de archeologie voor opmerkelijke bewijzen gezorgd voor de geschiedkundige nauwkeurigheid van de Bijbel. Plaats en tijd ontbreekt ons hier om een volledig overzicht te geven van alle archeologische ontdekkingen, maar hier volgt een korte greep.

In de zeventiger jaren van de vorige eeuw werd het archief van het eeuwenoude stadje Ebla in het noorden van Syrië ontdekt. De documenten die het bevatte, geschreven op aarden schrijftabletten 2300 v. Chr., laten zien dat de persoons- en plaatsnamen in de verhalen over de Hebreeuwse patriarchen precies overeenkomen met alles wat er in de Bijbel over hen geschreven staat.

De levens van Abraham, Isaac en Jacob worden er volledig door bevestigd. Ook de in onze tijd onbekende gebruiken uit hun tijd worden er in beschreven.

Een ander voorbeeld gaat over Sargon, de koning van Assyrië, die beschreven wordt in het boek van Jesaja, maar wiens bestaan jarenlang door de geschiedkundigen in twijfel werd getrokken: In het jaar waarin koning Sargon van Assur zijn veldmaarschalk naar de Filistijnse stad Asdod stuurde en deze de stad innam: (Jesaja 20:1) Nu weten we dat Sargon II inderdaad een Assyrische koning was die begon te regeren in 722 v. Chr. Sargons paleis in Khorsabad, Irak, werd ontdekt door Paul Emile Botta in 1843. Verdere opgravingen ter plaatse onthulden geschriften op de paleismuren die de gebeurtenis die in Jesaja genoemd wordt, beschreven. Bezoekers in het Brits Museum in Londen kunnen onder andere een kolossale gevleugelde stier bewonderen die uit het paleis weggehaald was.

Ook in het Britse museum zelf vond een ontdekking plaats. In de zomer van 2007 was professor Michael Jursa, een deskundige op het gebied van de geschiedenis van Assyrië aan het graaien in de verzameling van 130.000 aarden Assyrische tabletten toen hij stuitte op een naam die hem vaag bekend voorkwam; Naabusharrussu-ukin, een naam die met een 2500 jaar oud handschrift werd beschreven als de hoofd-eunuch van Nebukadnezar II, de koning van Babylon. Het kleine schrijftablet waarop de naam te zien is, is een kwitantie van de betaling van 0,75 kg goud aan een tempel in Babylon. Jursa keek het na in het Oude Testament en vond daar dezelfde naam, iets anders vertaald door de vertalers van de Bijbel, in hoofdstuk 39 van het boek Jeremia. Nebo-Sarsekim was ‘hoofdofficier’ van Nebukadnezar II en was bij hem tijdens de verovering van Jeruzalem in 587 v. Chr. toen de Babyloniërs de stad bestormden. Dr. Irving Finkel van het Brits Museum bevestigde het belang van deze ontdekking: “Dit is een fantastische ontdekking, een vondst van wereldbelang. Een piepklein detail in het Oude Testament dat volkomen blijkt te kloppen. Ik geloof dat het betekent dat het hele verhaal van Jeremia een nieuw soort kracht gaat krijgen.”

En Jezus Zelf?
Tientallen niet-Bijbelse manuscripten uit de oudheid bevestigen dat Jezus een ware historische figuur was die in Palestina woonde in het allereerste gedeelte van de eerste eeuw. De encyclopedie Brittannica verklaart: “Deze onafhankelijke verslagen bewijzen dat in de oudheid zelfs de tegenstanders van het christendom nooit twijfelden aan de historische echtheid van Jezus, die voor het eerst bestreden werd, op onwaarachtige gronden gestaafd, door verscheidene vrijdenkende schrijvers tijdens de 19e en in het begin van de 20e eeuw.”

De Romeinse geschiedschrijver Cornelius Tacitus heeft het bijvoorbeeld over Christus in zijn kronieken die rond 115 na Christus gepubliceerd werden. “Nero haatte, vervolgde en martelde tot de dood erop volgde, een bevolkingsgroep die Christenen genoemd werden, naar de man Christus die een verschrikkelijke doodstraf onderging in de tijd van Tiberius. De doodstraf werd hem opgelegd door Pontius Pilatus, een van onze procurators.” 3

Lucian van Samosatam, een Griekse satiricus die leefde tijdens de tweede eeuw, spotte met Christenen, maar zijn geschriften wijzen desalniettemin op de groei van het Christendom in die tijd. “De Christenen aanbidden tot op heden een man; de hooggeplaatste persoonlijkheid die deze nieuwe sekte introduceerde, en daarvoor gekruisigd werd. Deze misleide schepselen worden gedreven door een geloof dat ze voor altijd onsterfelijk zullen zijn, wat hun minachting voor de dood en hun enorme toewijding verklaart. Hun wetgever leerde hen dat zij allemaal broeders zijn vanaf het moment dat ze bekeerd worden. Ze erkennen de Griekse goden niet, ze aanbidden de gekruisigde wijsgeer en volgen zijn wetten. ”

En zo kunnen we nog heel lang doorgaan. Maar hoeveel historisch bewijs er ook aangedragen wordt, uiteindelijk zal niets anders een mensenhart overtuigen van de ware liefde van God dan een persoonlijke (en dus subjectieve) ontmoeting met de waarheid zelf. Als we zelf Gods liefde ervaren kunnen we met overtuiging zeggen: “Jezus, Gods Zoon, is de weg, de waarheid en het leven, want ik hem Hem zelf ontmoet.”

Reacties

  1. Nadenkertje. Sommigen zullen dit misschien nog niet vernomen hebben: het is zeer wel mogelijk dat Pilatus en zijn vrouw Christenen waren. Zijn woorden “Wat is waarheid” omlijsten dan het verschrikkelijke drama van ongelovige Joden, drama dat nog steeds de wereld in vuur zet met o.a. het vernieuwde globale communisme geleid door Joden. Maar we zullen Pilatus als Christen nooit kunnen bewijzen, en dat hoeft ook niet.
    Zie op youtube.com: “A Meditation on the Holy Sacrifice of the Mass” (Original version).

Laat een bericht achter:

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.