Overpeinzing in de stilte

Naar een artikel op het internet

Ik ben alleen.
Eigenlijk voor het eerst in mijn leven. Mijn vrouw is er niet meer en de kinderen zijn inmiddels verhuisd en wonen ver weg.

En dat terwijl ik mijn hele leven omringd ben geweest door mensen en nooit alleen was.

Maar nu is mijn huis stil.

Wat vroeger was is voorbij.
Ik was sterk, en verplaatste bergen met mijn geloof. Overal en altijd was ik bezig en deed ik vele goede werken. Ik voedde de armen, gaf raad aan hulpbehoevenden, leerde andere talen, en zo veroverde ik de wereld voor het koninkrijk van God.

Tenminste, dat vond ik zelf.

Maar nu ik terugkijk op al dat werk en geconfronteerd word met de stilte in mijn huis en

deze schijnbaar vruchteloze tijd, ga ik de dingen toch anders zien.

Eigenlijk heb ik mijn hele leven rondgerend en deed ik van alles in de veronderstelling dat ik het werk van God deed. Deels deed ik dat ook wel, maar misschien ook niet.

Want nu ervaar ik dat Jezus misschien iets anders bedoelde toen Hij zei: ‘Heb de Heer lief met je hele hart, je verstand, en al je kracht,’ en niet altijd zo blij was met mijn tomeloze inzet om Zijn naam te verkondigen; iets dat, blijkt nu, ook wel iets te maken had met het stichten van mijn eigen koninkrijk.

In Jeremia lezen we: “Het hart van de mens is bedrieglijker dan alle andere dingen. Het is door en door slecht. Wie kan werkelijk weten wat er diep in zijn hart is?” Wij kunnen onszelf soms behoorlijk voor de gek houden, ook al zijn we er van overtuigd dat wij ons uiterste best doen.

Nu ik niet langer zoveel kan doen en gedwongen ben om bij God te rusten sijpelt Zijn ware boodschap langzaam bij me naar binnen. “Rust bij Mij, Mijn kind… Luister toch naar wat Ik je werkelijk te zeggen heb, zodat de akkers van je hart een overvloedige oogst kunnen voortbrengen.”

Begrijp me niet verkeerd. Niet alles wat ik in al die jaren heb gedaan was fout. Dat is zeker niet zo, maar net zoals Martha in de Bijbel moest leren dat er dingen zijn die nog belangrijker zijn dan het dienen van de Meester, begin ook ik in te zien dat de Meester iets anders zoekt, iets dat Maria begrepen had en wat niet van haar zou worden afgenomen. Jezus verlangt naar mijn echte, oprechte liefde.

Eerst begreep ik dat niet, en toen ik voor het eerst alleen was vocht ik tegen die saaie omgeving en dacht ik dat mijn leven voorbij was. Mijn onvermogen om veel te doen lag als een zware steen op mijn maag. Ik vond dat vreselijk. Mijn hele circuit, iedere cel in mijn lichaam, was er op ingesteld om te doen en te werken. Haast alsof God in de Bijbel het bevel heeft gegeven: “Gij zult werken en doen, want dan zal de zegen van de hemel op u neerdalen.” Maar dat kan ik nergens vinden in de Heilige Schrift.

Terwijl mijn dagen vroeger gevuld waren met een stroom van voortdurende activiteit, was er nu dus… eigenlijk niets.

 

Er was stilte. Rust. Ik was alleen. Alleen met God.

Het is alsof God me heeft weggeroepen van de akkers waarop geploegd en gewerkt wordt, en zegt: “Kom jij maar eens hier. Ik heb een nieuwe les voor je.”

Nu begin ik de stilte te ervaren als een weldaad, een zegen. Nu neem ik de tijd voor gebed en bestudeer ik het Woord op een manier die mij vroeger onbekend was.

En terwijl ik mijn leven lang gebeden heb, profetieën ontving en precies wist welke Bijbelpassage van toepassing was op deze of gene, begin ik Gods stem nu pas echt te horen en begint het langzaam tot me door te dringen waar het eigenlijk om gaat.

Nu ik alleen ben is God veel dichter bij me. Ik begin me Zijn aanwezigheid meer en meer bewust te worden, vooral in de kleine dingen.

Terwijl ik de wereld heb afgezworven om hele continenten te bekeren (wat me trouwens nooit gelukt is) leert God me iets nieuws en laat Hij me een nieuw veld zien waar ik op kan werken. Het veld van stilte en intieme communicatie met God.

En er zijn nog steeds mensen die ik kan bereiken.

Gisteravond belde een jongeman van amper 20 jaar me op. Hij is ook alleen en wilde praten over zijn moeilijkheden. Zijn familie is in zee gegaan met een TV-evangelist en beweert nu dat hij een zondig leven leidt, zijn redding verliest, en dat hij zich per direct bij deze TV-evangelist moet aansluiten om erger te voorkomen.
In de stilte van mijn nieuwe leven vertelt God me iets anders.

Een buurvrouw praatte wel een uur lang met me over haar depressies en vroeg me wat God toch aan het doen is en waarom ze niet gewoon gelukkig kan zijn. En ik luisterde.

Ik zwaaide niet met Bijbelse oplossingen, maar ik was er gewoon voor haar.

Ik hield van haar en het voedde haar hart.

Nu begrijp ik dat dit het soort liefde was die Jezus bedoelde in het Evangelie. Zo ging Jezus ook met de mensen om. Hij was niet bezig met Zijn goede werken, hij probeerde niet koortsachtig zijn tijd te vullen met zoveel mogelijk preken of het uitstrooien van goede raad. Hij was er gewoon voor de mensen en Hij hield van ze.

Die wetenschap maakt me gelukkig.

En nu, aan het einde van mijn leven, hier in mijn stille omgeving en mijn fysieke kracht afneemt begrijp ik dat het ware geluk niets te maken heeft met succes, rijkdom of een goede naam. Geluk wordt niet gevonden door het na te jagen, maar in het kennen van de Meester. Dicht bij Jezus, in de stilte van het hart verandert mijn denkwijze.

Geluk is in het kennen van Jezus!

Wees dus niet bang voor momenten van stilte in je leven wanneer het er op lijkt alsof je ergens ver weg op de plank van schijnbaar nutteloze werktuigen wordt geplaatst. God ziet de dingen heel anders dan wij. Als wij Hem tot ons laten spreken en ons niet verzetten tegen de manier waarop Hij ons leven leidt zal de zon van de gerechtigheid opgaan waarvan genezing uitgaat, zoals bij de stralen van de zon. Dan zult u naar buiten gaan en springen van vreugde als kalveren die in de wei worden losgelaten.” (Maleachi 4:2)

Laat een bericht achter:

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.