Mijn nieuwe jas

Ik heb een prachtige nieuwe jas gekregen. Die is ontworpen door God en aan mij gegeven door Jezus. Het enige wat ik heb moeten doen om die jas te ontvangen is geloven in Jezus als Gods enige Zoon.

Die jas zit me als gegoten. Tenminste, meestal wel. Soms als ik luister naar mijn trots en zo’n opgeblazen gevoel krijg omdat ik denk dat ik eigenlijk een hele Piet ben, zit hij niet zo lekker. Dan is die jas veel te nauw en wordt mijn adem haast afgesneden. En als ik mijn hoofd omhoog steek om boven anderen uit te kijken blijkt dat de jas opeens veel te kort is en dan zie ik er eigenlijk een beetje raar uit. Dus dat soort dingen probeer ik nu te voorkomen, want als ik me eenvoudig gedraag en niet te hoog van de toren blaas is er geen betere jas te vinden.

En hoe is de jas dan gemaakt, wil je misschien weten?

Ik vertel het je graag.

De schouders zijn breed en ruim, zodat ik mijn medemens kan helpen zijn lasten te dragen. De kraag is gemaakt van Gods genade. Dat zijn Zijn beloftes aan mij. Toen Hij me de jas gaf heeft Hij me bijvoorbeeld beloofd dat ik nu Zijn kind ben. God is nu mijn Vader en ik zal op een dag bij Hem wonen in dat huis dat Hij Zijn kinderen heeft bereid.

De manchetten zijn nauw, maar dat is zo gemaakt zodat er geen ruimte is waardoor boosheid en harde gevoelens voor andere mensen naar binnen kunnen glijden.

De zakken zijn heel diep en wijd. De rechter zak is gemaakt voor de liefde van God, de andere is om mijn liefde voor mijn medemens in te stoppen.

Misschien vind je het raar dat er maar drie knopen aan zitten. Dat is niet zo gek als je weet waarom. Dat zijn de drie knopen waar alles mee wordt vastgezet. Geloof, hoop en liefde. Ik controleer vaak of die nog wel stevig vastzitten, want die zou ik niet graag verliezen.

En heel bijzonder is die zachte, warme voering die me in elk jaargetijde behaaglijk warm houdt. Dat is Gods vergeving, die ik het hele jaar door nodig heb, Het materiaal aan de buitenkant is dik genoeg om mij te beschermen tegen de stormen van het leven, maar tegelijkertijd zo luchtig en open dat de Heilige Geest voortdurend bij me kan komen.

En de kleur? Dat is de kleur van Jezus’ ogen die schitteren wanneer een verloren mens Zijn liefde ontvangt.

Nee, die jas gaat niet meer uit. Die blijf ik dragen, zelfs wanneer ik op het einde door het dal van de dood reis, op weg naar dat eeuwige huis waar Jezus op mij wacht met Zijn engelen.

Auteur onbekend

 

Laat een bericht achter:

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.