Zing maar

Door Mila Govorukha

Ik werd al vroeg wakker door het gekwetter van de vogeltjes. Ze zaten te zingen en te tsjilpen dat het een lieve lust was. Ze riepen naar elkaar, zongen in canon en praatten honderd uit. Blije liedjes die overal in het bos te horen waren. De ‘surround sound’ van de natuur. Ik was met een paar vrienden aan het kamperen in een bos in de buurt van Mostar, een 600 jaar oude stad die vaak in het nieuws was geweest tijdens de oorlog in Joegoslavië in het begin van de 90er jaren.

Het was prachtig. De problemen waar dit etnisch verdeelde land mee worstelde waren ver van het bed van de vogeltjes. Die zongen maar door. Soms luid en vol en soms haast als gefluister, om dan weer aan te zwellen tot een crescendo van overwinning, vreugde en blijdschap. Mostar! Jaren na het officiële einde van de oorlog moeten Kroatische katholieken, Bosnische moslims en Servische orthodoxen nog steeds leren hoe ze in dezelfde stad met elkaar om kunnen gaan. Ze moeten leren samenwerken en leren om elkaar te vergeven.

Ik besloot een eindje te gaan wandelen langs de smalle rivier en nam alles in ogenschouw; de asfaltweg vol met diepe kuilen, de bankjes waar de zittingen nu af waren, de verwoeste brug, het café zonder deuren en de verbrijzelde ramen en de bloemperken die overwoekerd waren door onkruid. ‘Niet op het gras lopen!’ bedacht ik. ‘Er kunnen wel mijnen liggen!’

Even vergat ik de vogels. Waarom was dit gebeurd? Wie had deze verschrikking veroorzaakt?

Terwijl ik dichter bij de wankele overblijfselen van een brug kwam zag ik weer een vogel. Hoog boven op een metalen buis. Zou die het nog weten? Zou die iemand hebben zien sterven, en het schieten gehoord hebben?

Maar de vogel dacht niet aan al die ellende. Die begon opeens te zingen. Een loflied aan de Schepper deed me al mijn vragen vergeten. Haar kleine lijfje trilde toen haar gezang uitbundig losbrak. De muziek kwam uit haar hele wezen. Het geluid kwam met zo’n kracht en met zoveel overtuiging naar buiten dat ik zelf ook wilde gaan zingen. Het klonk alsof ze zong over de zonsopgang, en de nieuwe morgen. Ze zong over de blauwe lucht en over een nieuwe dag vol hoop. En over prachtige bloemen en het bos met het zachte mos en de koele, glinsterende stromen die al het oude wegwassen. Ze maakte zich geen zorgen over haar uiterlijk of hoe ze wel zou overkomen. Ze was enkel aan het zingen, uit volle borst.

Ik weet niet hoe lang ik daar gezeten heb. Ik vergat alles om me heen. Ik luisterde en zong met haar mee. Ik zong over het gevoel van vrijheid dat ik in me voelde opkomen, over nieuwe mogelijkheden, nieuwe manieren om het leven te beschouwen. Over een nieuwe dag vol hoop, over de schoonheid van de schepping en haar liefdevolle Schepper en over een grote liefde die alle fouten van het verleden wegwast. Het was een geweldig, bevrijdend gevoel. Vergeet die etnische verschillen. Vergeet die kapotte relaties. Vergeet die fout die iemand gemaakt heeft zonder zich te verontschuldigen. Leer van de vogels. Zing met heel je hart, met al je kracht!

Laat een bericht achter:

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.