De mier en de krekel

Door Tomoko Matsuoka
Op een lagere school werd wekelijks wat aandacht besteed aan normen en waarden. In een van de lessen werd het verhaal voorgelezen over de hard werkende mier en de luie krekel. Vlak voordat het verhaal was afgelopen stopte de Meester en vroeg hij aan de kinderen om het verhaal nu zelf af te maken.

Bijna iedereen kent het verhaal wel. Het is een van de fabels van Aesopus en het gaat over de luie krekel die in de zomer in de zon op zijn viool zat te spelen, terwijl de vlijtige mier heel hard aan het werk was om genoeg eten op te slaan voor de komende koude winter. Toen Koning Winter het land was binnengetrokken, zaten de mier en zijn vrienden lekker warm weggestopt en konden ze hun buikjes vol eten, maar de krekel zwierf wanhopig door de besneeuwde velden, op zoek naar wat eetbaars, vechtende tegen de hongerdood.

De Meester vroeg aan de 6- en 7-jarige kinderen in zijn klas om een tekening over het verhaal te maken en er zelf een eind aan te breien met als voorwaarde dat de krekel de mier om hulp vroeg.
De meeste kinderen vonden het antwoord nogal voor de hand liggen. Omdat de krekel zo lui was geweest en niets had gedaan verdiende hij niets en ze zeiden dan ook dat de mier weigerde om de krekel te helpen. Maar een jongetje zag het anders: “Toen de krekel bij de mier had aangeklopt gaf deze zonder er lang over na te denken al zijn eten aan de krekel. Alles. Niet een klein beetje, maar alles.” Maar dat was nog niet het einde en het jongetje ging vrolijk verder. “Omdat de mier dus niets meer te eten had en het heel erg koud was, stierf de mier in zijn bed. Maar toen was de krekel zo beschaamd en zo bedroefd, dat hij iedereen vertelde wat de mier voor hem gedaan had om zijn leven te redden. Toen werd de luie, slechte krekel een hele goede krekel.”

Toen ik dit verhaal hoorde moest ik eraan denken wat ‘geven’ voor Jezus betekende. Hij ging niet bijna tot aan het kruis en Hij zei niet dat wij eigenlijk maar een stelletje luie krekels waren die niet beter verdienen. Jezus gaf alles om ons ‘goed’ te maken. Echt ‘geven’ doet soms pijn. Maar als je echt vanuit je hart geeft vermenigvuldigt het zich vele malen. “Als een graankorrel niet in de akkergrond sterft, blijft hij onvruchtbaar. Maar hij moet sterven, want alleen dan brengt hij rijke vruchten voort.” (Johannes 12:24)

Laat een bericht achter:

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.